Er is nog geen behandeling die ET helemaal geneest.
De behandeling van ET helpt om het stollen van bloed (bloedstolsel) en bloedingen te voorkomen.
Een bloedstolsel is een samenklontering van het bloed ontstaat.
Dit klontje kan een bloedvat blokkeren.
Het is net alsof er een kurk in een fles zit.
Bloed kan dan niet goed stromen.
Dat kan gevaarlijk zijn.
Ook helpt de behandeling om klachten te verminderen.
Welke behandeling je krijgt hangt af van:
Behandeling voor mensen die nog nooit een bloedstolsel hebben gehad
Deze mensen krijgen trombocytenaggregatieremmers.
Dit is een medicijn dat ook wel bloedplaatjesremmers genoemd wordt.
De bloedplaatjesremmers voorkomen dat bloedplaatjes een bloedstolsel veroorzaken.
Uitzonderingen
Mensen jonger dan 60 jaar zonder JAK2-mutatie en zonder risicofactoren voor hart- en vaatziekten hebben een klein risico op bloedstolsels.
Zij hoeven soms geen trombocytenaggregatieremmers.
Bij sommige mensen kan een bloedingsprobleem ontstaan bij hoge bloedplaatjesaantallen.
Dit heet een verworven von Willebrand ziekte (VvWD).
Het hebben van bloedingsproblemen betekent dat iemand te snel of te veel bloedt.
Dit kan gebeuren na een klein sneetje, een val, of zomaar zonder reden.
Het kan ook betekenen dat iemand snel blauwe plekken krijgt of bloedingen krijgt diep in de spieren.
Dit probleem wordt soms pas gevonden als iemand bijvoorbeeld geopereerd wordt.
Mensen met een verworven von Willebrand ziekte worden geen trombocytenaggregatieremmers geadviseerd.
Medicijnen voor mensen die nog nooit een bloedstolsel hebben gehad
Behandeling voor mensen die eerder een bloedstolsel hebben gehad:
Deze mensen krijgen trombocytenaggregatieremmers en medicijnen.
Deze medicijnen remmen de aanmaak van bloedplaatjes.
De keuze van de medicijnen hangt af van verschillende factoren.
Medicijnen voor mensen die eerder een bloedstolsel hebben gehad:
Bij te veel bijwerkingen van bovenstaande medicijnen wordt dit medicijn gegeven: